Wat is outplacement ?
De bedoeling van outplacement is dat de ontslagen werknemer
begeleid wordt door een specialist zodat hij binnen een
zo kort mogelijke termijn opnieuw aan de slag kan bij
een andere werkgever of als zelfstandige.
|
|
Deze begeleiding kan bestaan uit: |
| - |
Het opmaken van een persoonlijke balans en/of
hulp bij het zoeken naar een nieuwe baan. |
| - |
Psychologische begeleiding. |
| - |
Begeleiding met het oog op de onderhandeling van
een nieuwe arbeidsovereenkomst. |
| - |
Begeleiding tijdens de integratie in het nieuwe
werkmilieu. |
| - |
Logistieke en administratieve steun. |
Wie komt voor outplacement
in aanmerking ?
Alle werknemers, ongeacht hun arbeidsovereenkomst hebben
recht op outplacement. Het maakt niet uit of het een
arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur, voor bepaalde
duur, voor een bepaald werk of voor een duidelijk omschreven
werk betreft of dat het om een vervangingsovereenkomst
gaat.
De werknemer moet minstens 45 jaar zijn op het moment
dat hij ontslagen wordt.
Hij moet minstens één jaar ononderbroken
dienstanciënniteit hebben in het bedrijf.
Kan de werknemer het recht
op outplacement verliezen ?
|
|
Dat kan als hij |
| - |
ontslagen wordt om dringende reden; |
| - |
ontslagen wordt met brugpensioen; |
| - |
de leeftijd van rustpensioen heeft bereikt. Hiermee
wordt zowel de leeftijd voor het volledige pensioen
bedoeld (65 voor mannen en 63 voor vrouwen) als de
leeftijd voor het vervroegd pensioen (60 jaar voor
mannen en vrouwen); |
| - |
een valabel voorstel tot outplacement weigert.
Een valabel voorstel betekent bijvoorbeeld dat de
begeleiding plaatsvindt op een redelijke afstand
van de woon- of werkplaats van de werknemer, dat
de begeleiding binnen een redelijke termijn aanvangt,
enz.; |
| - |
de vormvereisten en de voorgeschreven termijn m.b.t.
aanvraag, de voortzetting en hervatting van de outplacementbegeleiding,
en de instemming met het outplacementaanbod niet
respecteert. |
Wat
wordt er van de werkgever verwacht ?
Volgens de algemene CAO moet de werknemer een schriftelijke
aanvraag richten tot zijn (ex-) werkgever binnen de 2
maanden nadat zijn arbeidsovereenkomst een einde heeft
genomen. De werkgever moet een begeleidingsvoorstel doen
en de kosten ervan voor zijn rekening nemen.
Voor bedrijven die ressorteren onder het Paritair Comité 218
is de outplacementopdracht toevertrouwd aan CEVORA. Hierover
is een CAO afgesloten voor onbepaalde duur.
Dit betekent concreet dat werknemers hun vraag voor
begeleiding niet richten tot hun werkgever, maar rechtstreeks
tot CEVORA. De werkgever komt op geen enkele manier tussen,
hoeft dus ook niet de rechtstreekse kosten van het outplacement
te betalen en voldoet dankzij de sectorale regeling waaraan
hij bijdraagt, aan zijn wettelijke plicht inzake outplacement
voor de getroffen bediende. De werkgever is ook vrijgesteld
van toepassing van de bepalingen die in CAO nr. 51 opgenomen
zijn.
CEVORA kan de verplichting tot verlenen van outplacement
terug in de handen van de werkgever leggen wanneer deze
ter voldoening ervan kosteloos een beroep kan doen op
een dienstverlener die optreedt in het kader van een
regionaal, subregionaal of lokaal initiatief dat opgezet
wordt in het kader een gewestelijke tewerkstellingsdienst
en dat paritair mede wordt beheerd.
Hoe en waar kan de werknemer
outplacement aanvragen ?
Volgens de algemene CAO doet de werknemer een schriftelijke
aanvraag indienen bij de werkgever uiterlijk 2 maanden
nadat de arbeidsovereenkomst een einde heeft genomen.
Werknemers die onder PC 218 vallen, richten hun vraag
rechtstreeks tot CEVORA, dienst Outplacement, Plaskylaan
144, 1030 Brussel. Een aanvraagformulier is ter beschikking
op de website www.cevora.be of
op eenvoudige vraag 02-734 62 11.
| Elke schriftelijke aanvraag moet vergezeld
zijn van: |
| - |
een kopie van de ontslagbrief |
| - |
een kopie van de laatste arbeidsovereenkomst |
| - |
een bewijs van inschrijving als werkzoekende |
De inschrijving kan ingediend worden vanaf het moment
dat de bediende het ontslag heeft gekregen en moet gebeuren
binnen een termijn van 2 maanden na de beëindiging
van de arbeidsovereenkomst.
De werknemer ontvangt binnen de twee maanden een aanbod
van CEVORA en hij krijgt een maand de tijd om dat aanbod
schriftelijk te aanvaarden. Doet hij dat niet, dan vervalt
zijn recht op outplacement.
Wat kan de werknemer concreet
verwachten van CEVORA ?
CEVORA zal voor de ontslagen bedienden het recht op
outplacement grotendeels invullen via onderaanneming
met erkende outplacementbureaus en consulenten. De begeleiding
wordt opgesplitst in 3 fasen.
In de eerste fase gaat het om een begeleiding van 20
uur gespreid over 2 maanden, waarin naast psychologische
begeleiding, sollicitatietraining, de opmaak van een
persoonlijke balans en de verkenning van de arbeidsmarkt
een belangrijk onderdeel opleidingsadvies zit, verzorgd
door de CEVORA-consulenten.
Wie na 2 maanden nog geen andere betrekking heeft,
schrijft zich in voor fase 2: opnieuw 20 uur begeleiding
gespreid over 4 maanden.
Wie na dat half jaar nog zonder werk blijft, heeft opnieuw
recht op 20 uur gespreid over 6 maanden.
In het totaal heeft elke bediende die onder de nieuwe
CAO valt dus recht op 60 uur begeleiding, gespreid over één
jaar. Er wordt zo veel mogelijk gewerkt met een groepsaanpak,
afgewisseld en aangevuld met individuele momenten.
Hoe lang duurt de begeleiding ?
De werknemer heeft recht op maximaal 12 maanden en maximaal
tot aan zijn rustpensioen.
Wanneer de begeleiding plaatsvindt tijdens de opzeggingstermijn
worden vanaf het begin van de begeleiding de afwezigheidsdagen
waarop een ontslagen werknemer recht heeft om een nieuwe
baan te zoeken, verminderd met de uren van de begeleiding
ten belope van, naargelang het geval, een halve dag of
een dag per week.
Wat te doen bij collectief
ontslag ?
In geval van collectief ontslag, dient er contact te
worden opgenomen met een projectverantwoordelijke van
CEVORA om een aangepaste inschrijvingsprocedure te ontwikkelen.
Hervatting van het
outplacementprogramma na verlies van een nieuwe betrekking ?
Bedienden die, terwijl de outplacementbegeleiding loopt,
werk vinden maar hun betrekking terug verliezen binnen
de drie maand, kunnen opnieuw aansluiten bij de outplacementbegeleiding
die echter maximaal loopt tot één jaar
na de startdatum. De bediende dient in dat geval binnen
de maand na het verlies van de betrekking een verzoek
tot hervatten van de begeleiding in. Hij voegt daar een
getuigschrift bij waarin bevestigd wordt dat hij op dat
ogenblik als werkzoekende is ingeschreven.
De hervatting vangt aan in de fase waarin het outplacementprogramma
onderbroken werd en neemt in elk geval een einde bij
het verstrijken van de oorspronkelijke periode van 12
maanden.